Veelgestelde vragen over zendantennes en 5G

Welk onderzoek voert het Departement Omgeving naar de uitrol van 5G?

Het Departement Omgeving wil wetenschappelijk onderbouwd beleid voeren. Daarom volgt ze de ontwikkelingen rond 5G van nabij op via het onderzoek 'Nieuwe ontwikkelingen rond 5G, de maatschappelijke impact van de uitrol van 5G netwerken op de stralingsblootstelling'. 

Dat onderzoek bestaat uit:

  • Literatuuronderzoek naar blootstellingsstudies, gebruikte technologieën, simulaties van de uitrol
  • Vergelijkend onderzoek wetgeving (Europees) en richtlijnen (ICNIRP) 
  • Onderzoek naar uitrol in Vlaanderen en invloed op de blootstelling
  • Antennetechnologie en invloed op de blootstelling 
  • Metingen van 5G-(test)opstellingen of simulaties van 5G-netwerken in combinatie met bestaande netwerken 
  • Invloed op blootstelling van de uitrol van het ‘Internet of Things’  

Is het Departement Omgeving op de hoogte van onderzoek naar straling van antennes (ook 5G) en gezondheid?

Het Departement Omgeving publiceert vier keer per jaar een overzicht van wetenschappelijk onderbouwd onderzoek naar gezondheidseffecten van straling van (gsm-)antennes op de site. Dit overzicht wordt opgemaakt door deskundigen van IMEC, UGent en Sciensano met expertise in blootstelling, gezondheid en risico-evaluatie. Ook onderzoek naar de mogelijke gezondheidseffecten van 5G worden in dit overzicht opgenomen. Conclusies uit het eerder vermelde 5G-onderzoek van het Departement Omgeving worden ook gepubliceerd op het Onderzoeksportaal van de Vlaamse overheid. Bijkomend worden metingen en blootstellingssimulaties gepland om de impact van de uitrol van 5G in Vlaanderen verder te onderzoeken. 

Is de straling van gsm-antennes, waaronder 5G-antennes, schadelijk voor de gezondheid?

Er worden heel wat onrustwekkende waarschuwingen verspreid over de straling van 5G. De wetenschappelijke wereld (onderzoekers, tijdschriften, congressen, commissies) die gezondheidseffecten van elektromagnetische velden onderzoekt, is het er nochtans over eens dat er momenteel geen bewijs is dat gsm-straling ongezond is als de normen gerespecteerd worden. Dat blijkt uit verschillende globale evaluatierapporten van wetenschappelijke commissies en nationale instellingen, zoals het Wetenschappelijk Comité voor nieuwe en recent vastgestelde gezondheidsrisico's ,  SCENIHR,  Nederlandse Gezondheidsraad, ICNIRP …

Waarom geven sommige mensen aan ziek te worden van gsm-antennes?

Symptomen die door sommige mensen worden toegeschreven aan verschillende blootstellingen aan RF-elektromagnetische velden kunnen soms leiden tot ernstige beperkingen in de levenskwaliteit van een persoon.

Onderzoek uitgevoerd sinds de vorige SCENIHR-opinie benadrukt dat er geen oorzakelijk verband is tussen de RF-blootstelling aan elektromagnetische velden en deze symptomen. Dat geldt voor het grote publiek, voor kinderen en adolescenten en voor mensen met een elektromagnetische overgevoeligheid ('idiopathische milieu-intolerantie toegeschreven aan elektromagnetische velden'). Recente meta-analyses van observationele -en provocatiestudies ondersteunen deze conclusie.

Ook de duur van de blootstelling werd onderzocht:

  • Symptomen na korte blootstelling (minuten tot uren) aan RF-velden: meerdere dubbelblinde experimenten bewijzen dat de effecten niet worden veroorzaakt door blootstelling aan radiogolven.
  • Symptomen na lange blootstelling (dagen tot maanden) aan RF-velden: observationele studies spreken een oorzakelijk effect tegen. 

Lees meer over elektrogevoeligheid 

Wordt er enkel rekening gehouden met thermische effecten (opwarming)?

Bij de bespreking van gezondheidseffecten en bij de opmaak van richtlijnen of normen wordt rekening gehouden met zowel de thermische als de niet-thermische effecten. 

Conclusies en expertrapporten Vlaanderen

Expertrapporten rond straling en gezondheid

 

Zijn de richtlijnen van ICNIRP betrouwbaar?

De conclusies van International Commission on Non-Ionizing Radiation Protection (ICNIRP) die gebruikt worden om richtlijnen voor de straling van antennes (ook 5G) op te stellen, zijn gebaseerd op een weging van alle onderzoeken hierover.

Bij de evaluatie van een gezondheidsrisico wordt elke gepubliceerde studie beoordeeld op haar wetenschappelijke kwaliteit. Enkel op basis van kwaliteitsvolle studies wordt een synthese gemaakt. Een onderzoek dat niet voldoet aan de wetenschappelijke kwaliteitseisen, wordt niet opgenomen in expertrapporten omdat het onbekend is of omdat de gevonden resultaten biologisch relevant zijn of het gevolg zijn van bias en studiefouten. 

Om te beslissen of iets al dan niet als ongezond wordt bestempeld, gaan alle grote wetenschappelijke instellingen (WHO, IARC) ervan uit dat bevolkingsonderzoek, waarbij men mensen vergelijkt die al dan niet zijn blootgesteld, meer bewijskracht heeft dan onderzoek op cellen of proefdieren of onderzoek dat zoekt naar mechanismen die gezondheidseffecten kunnen veroorzaken.

Baseert het Departement Omgeving zich enkel op de ICNIRP-richtlijnen?

De Vlaamse overheid baseert zich niet enkel op de richtlijnen van International Commission on Non-Ionizing Radiation Protection (ICNIRP) of op rapporten van Vlaamse experten,  maar ook op recente wetenschappelijk onderbouwde expertrapporten. De conclusies van die rapporten komen overeen met die van de Vlaamse experten. Enkele voorbeelden:

Meer informatie over deze onderzoeksrapporten kan u vinden in het onderzoek naar straling en gezondheid dat werd opgesteld door experten van IMEC, Sciensano en het Universitair Ziekenhuis van Gent.

 

Waarom vind ik overal onderzoeksresultaten of studies die aangeven dat straling (ook 5G) ongezond is?

Een kleine minderheid van wetenschappers en artsen is het niet eens met de conclusies van experten. Zij baseren zich selectief op de studies die wel een link vinden tussen straling van antennes en gezondheid. Deze studies zijn vaak te vinden op het internet of er wordt naar verwezen in sociale media. Veel van die studies worden in globale rapporten niet opgenomen omdat ze niet voldoen aan wetenschappelijke kwaliteitseisen en omdat het niet duidelijk is of de resultaten biologisch relevant zijn of het gevolg zijn van bias en studiefouten.

De wetenschappelijke wereld (onderzoekers, tijdschriften, congressen, commissies) die gezondheidseffecten van elektromagnetische velden onderzoekt, is het er nochtans over eens dat er momenteel niet kan bewezen worden dat gsm-straling ongezond is als de normen gerespecteerd worden. Dit blijkt uit verschillende globale evaluatierapporten van wetenschappelijke commissies en nationale instellingen (Wetenschappelijk Comité voor nieuwe en recent vastgestelde gezondheidsrisico's – SCENIHR, Nederlandse Gezondheidsraad, ICNIRP …).

Om in te kunnen gaan op de ongerustheid over 5G  en om de ontwikkelingen rond 5G van nabij op te volgen, werd een onderzoek opgestart:  'Nieuwe ontwikkelingen rond 5G, de maatschappelijke impact van de uitrol van 5G netwerken op de stralingsblootstelling'. 

Daarnaast publiceert het Departement Omgeving vier keer per jaar een overzicht van wetenschappelijk onderbouwd onderzoek naar gezondheidseffecten van straling van (gsm-)antennes.  Daarin worden mogelijke gezondheidseffecten van 5G ook opgenomen want 5G-straling is van hetzelfde type straling als 4G, 3G of 2G; namelijk RF-straling.  

De 5G-uitrol is al gestart, een gsm-operator heeft al 5G uitgerold in een aantal gemeenten, kan dit zomaar?

Deze operator heeft in een aantal gemeenten antennes van 2100 MHz omgezet van 4G naar 5G. Dit is een softwarematige aanpassing, er worden geen extra antennes geplaatst. De informatie wordt anders verpakt in de elektromagnetische straling. Het vermogen of andere eigenschappen van de antenne veranderen niet. Dat wil zeggen dat ook de blootstelling van de omgeving aan straling niet verandert. Mensen worden dus niet plots aan meer straling blootgesteld bij 5G dan bij 4G. Deze antennes voldoen dus ook aan de norm.

Zijn er al metingen uitgevoerd in de omgeving van 5G-antennes?

In Nederland is er al een grotere uitrol van 5G uitgevoerd. De Nederlandse overheid heeft daarom een meetonderzoek uitgevoerd. Conclusie:

 "Uit de eerste metingen en berekeningen aan 5G-systemen blijkt dat de blootstelling aan de elektromagnetische velden van losse antennes en gebruikerstoestellen lager is dan de limieten die de Europese Unie aanbeveelt".

Het onderzoek geeft wel aan dat verdere opvolging van blootstelling aangewezen is.

Ook in Vlaanderen gebeurt er al onderzoek naar 5G en worden zo snel mogelijk meetstudies opgestart in de omgeving van 5G-antennes. 

Is er een verband tussen 5G en corona?

Er is geen verband tussen 5G en corona (COVID-19). Berichten hierover zijn onzin en berusten op bangmakerij.

 

De ICNIRP-richtlijnen werden in maart 2020 aangepast. Wat is er veranderd?

International Commission on Non-Ionizing Radiation Protection (ICNIRP) heeft nieuwe richtlijnen voor radiofrequente straling (oa. 5G) gepubliceerd. Die nieuwe richtlijnen worden meegenomen in het onderzoek van het Departement Omgeving naar de uitrol van 5G. Enkele wijzigingen:

  • Bescherming tegen blootstelling van het lichaam aan straling met een frequentie hoger dan 6 GHz (Gigahertz) door rekening te houden met eigenschappen van nieuwe technologieën zoals 5G , die op termijn gebruik kan maken van hogere frequenties zoals de 26 GHz-band.
  • Maximale lokale blootstelling vermindert door een aanpassing van de uitmiddeling van de oppervlakte voor lokale blootstelling.

De Vlaamse normen zijn nog altijd strenger dan de nieuwe ICNIRP richtlijnen omwille van de extra veiligheidsfactor die gebruikt werd bij de opmaak van de Vlaamse normen. De ICNIRP-richtlijnen bevatten wel richtlijnen voor hogere en lagere frequenties dan de Vlaamse normen.

De Vlaamse normen bevatten normen voor antennes die gebruik maken van frequenties tussen 10 MHz en 10 GHz, de ICNIRP-richtlijnen gaan van 100 KHz tot 300 GHz. In het onderzoek van het Departement Omgeving wordt bekeken of het nodig is de Vlaamse normen uit te breiden naar dat frequentiebereik.  Momenteel zijn er in Vlaanderen nog geen gsm-antennes met die hogere frequenties omdat de frequenties daarvoor nog niet beschikbaar zijn. 

Zijn er regels voor 5G-antennes in Vlaanderen?

Net als andere types gsm-antennes (4G, 3G, 2G) moeten 5G-antennes voldoen aan de stralingsnormen die opgenomen zijn in VLAREM. Voor de antennes beginnen uit te zenden, voert het Departement Omgeving simulaties uit van de straling in de omgeving van de geplande antennes. Enkel als uit die simulaties blijkt dat de norm niet kan overschreden worden, krijgt de operator een attest en mogen de antennes beginnen uit te zenden. Na de ingebruikname van de antennes kan het Departement Omgeving nog metingen uitvoeren om te controleren of de normen gerespecteerd worden.

Voor de bouw van nieuwe masten met antennes is er soms een omgevingsvergunning nodig. Het Departement Omgeving baseert zich op wetenschappelijk onderbouwde expertrapporten en op het verzamelen en evalueren van onderzoek naar straling en gezondheid. De resultaten hiervan worden gepubliceerd op het onderzoeksportaal van de Vlaamse overheid en op de website van het Departement Omgeving.

In Vlaanderen zijn er testsites voor 5G-antennes. Moeten die voldoen aan de normen?

De 5G-antennes die gebruikt worden op testsites moeten ook voldoen aan de Vlaamse normen. Net als bij andere antennes voert de Vlaamse overheid simulaties en berekeningen uit voor de antennes beginnen uit te zenden. Als uit die berekeningen en simulaties blijkt dat de norm gerespecteerd wordt, dan wordt daarvan een attest opgemaakt. De 5G-antennes op testsites voldoen dus aan de Vlaamse normen die gebaseerd zijn op de laatste stand van zaken van het wetenschappelijk onderbouwd onderzoek.

Contacteer ons

Team Omgeving en gezondheid