Tabel I.2: Drempelwaarden voor met naam genoemde gevaarlijke stoffen

Deze tabel geeft een overzicht van de lage drempelwaarden en de hoge drempelwaarden van een beperkt aantal met naam genoemde gevaarlijke stoffen (bijlage I, deel 2 van de Seveso III-richtlijn).

Deze drempelwaarden hebben voorrang op de drempelwaarden van de categorieën van gevaarlijke stoffen waarin de stof zou ingedeeld worden op basis van zijn gevaarskenmerken, mocht de stof niet met naam genoemd zijn.

 

Kolom 1


 

Kolom 2

Kolom 3

Drempelwaarden (in ton)

Nr.

Met naam genoemde gevaarlijke stoffen

CAS (1)

Lage drempel

Hoge drempel

01.

Ammoniumnitraat (zie noot 13)

 

5 000

10 000

02.

Ammoniumnitraat (zie noot 14)

 

1 250

5 000

03.

Ammoniumnitraat (zie noot 15)

 

350

2 500

04.

Ammoniumnitraat (zie noot16)

 

10

50

05.

Kaliumnitraat (zie noot 17)

 

5 000

10 000

06.

Kaliumnitraat (zie noot 18)

 

1 250

5 000

07.

Diarseenpentoxide, arseen(V)zuur en/of zouten daarvan

1303-28-2

1

2

08.

Diarseentrioxide, arseen(III)zuur en/of zouten daarvan

1327-53-3

-

0,1

09.

Broom

7726-95-6

20

100

10.

Chloor

7782-50-5

10

25

11.

Inhaleerbare poedervormige nikkelverbindingen (nikkelmonoxide, nikkeldioxide, nikkelsulfide, trinikkeldisulfide, dinikkeltrioxide)

 

-

1

12.

Ethyleenimine

151-56-4

10

20

13.

Fluor

7782-41-4

10

20

14.

Formaldehyde (concentratie 90 %)

50-00-0

5

50

15.

Waterstof

1333-74-0

5

50

16.

Chloorwaterstof (vloeibaar gas)

7647-01-0

25

250

17.

Loodalkylen

 

5

50

18.

Ontvlambare vloeibare gassen, categorie 1 of 2 (inclusief LPG) en aardgas (zie noot 19)

 

50

200

19.

Acetyleen

74-86-2

5

50

20.

Ethyleenoxide

75-21-8

5

50

21.

Propyleenoxide

75-56-9

5

50

22.

Methanol

67-56-1

500

5 000

23.

4,4'-Methyleen bis(2-chlooraniline) en/of zouten daarvan, poedervormig

101-14-4

-

0,01

24.

Methylisocyanaat

624-83-9

-

0,15

25.

Zuurstof

7782-44-7

200

2 000

26.

2,4-Tolueendiisocyanaat en
2,6-Tolueendiisocyanaat

584-84-9
91-08-7

10

100

27.

Carbonylchloride (fosgeen)

75-44-5

0,3

0,75

28.

Arseentrihydride (arsine)

7784-42-1

0,2

1

29.

Fosfortrihydride (fosfine)

7803-51-2

0,2

1

30.

Zwaveldichloride

10545-99-0

 

1

31.

Zwaveltrioxide

7446-11-9

15

75

32.

Polychloordibenzofuranen en polychloordibenzodioxinen (inclusief TCDD) uitgedrukt in TCDD-equivalent (zie noot 20)

 

-

0,001

33.

De volgende CARCINOGENEN of de mengsels die de volgende carcinogenen in concentraties van meer dan 5 gewichtspercenten bevatten: 4-aminobifenyl en/of de zouten daarvan, benzotrichloride, benzidine en/of de zouten daarvan, di(chloormethyl)ether, chloormethylether, 1,2-dibroomethaan, diethylsulfaat, dimethylsulfaat, dimethylcarbamoylchloride, 1,2-dibroom-3-chloorpropaan, 1,2-dimethylhydrazine, dimethylnitrosamine, hexamethylfosforzuurtriamide, hydrazine, 2-naftylamine en/of de zouten daarvan, 4-nitrodifenyl en 1,3-propaansulton

 

0,5

2

34.

Aardolieproducten en alternatieve brandstoffen:

a) benzines en nafta's

b) kerosines (inclusief vliegtuigbrandstoffen)

c) gasoliën (inclusief diesel, huisbrandolie en gasoliemengstromen)

d) zware stookolie

e) alternatieve brandstoffen met dezelfde toepassing en met gelijkaardige eigenschappen op het vlak van ontvlambaarheid en milieugevaren als de onder a) tot en met d) bedoelde producten

 

2 500

25 000

35.

Watervrije ammoniak

7665-41-7

50

200

36.

Boortrifluoride

7637-07-2

5

20

37.

Waterstofsulfide

7783-06-4

5

20

38.

Piperidine

110-89-4

50

200

39.

bis(2-dimethylaminoethyl)(methyl)amine

303-47-5

50

200

40.

3-(2ethylhexyloxy)propylamnie

5397-31-9

50

200

41.

Mengsels (*) van natriumhypochloriet die ingedeeld zijn als aquatisch acuut categorie 1 (H400) die minder dan 5% actief chloor bevatten en niet vallen onder de in deel 1 van bijlage I opgenomen andere gevaarcategorieën

(*) Mits het mengsel zonder natriumhypochloriet niet zou worden ingedeeld als aquatisch acuut categorie 1 (H400)

 

200

500

42.

Propylamine (zie noot 21)

107-10-8

500

2 000

43.

Tert-butylacrylaat (zie noot 21)

1663-56-9

200

500

44.

2-Methyl-3-buteennitrile (zie noot 21)

16529-56-9

500

2 000

45.

Tetrahydro-3,5-dimethyl-1,3,5-thiadizine-2-thion (Dazomet) (zie noot 21)

533-74-4

100

200

46.

Methylacrylaat (zie noot 21)

96-33-3

500 2 000

47.

3-Methylpyridine (zie noot 21)

108-99-6

500

2 000

48.

1-Broom-3-chloorpropaan (zie noot 21)

109-70-6

500

2 000

 (1) Het CAS-nummer wordt slechts ter indicatie gegeven

Tabelnoten:

13. Ammoniumnitraat (5 000/10 000): meststoffen die in staat zijn tot zelfonderhoudende ontleding
Dit is van toepassing op gemengde/samengestelde ammoniumnitraatmeststoffen (een gemengde/samengestelde meststof bevat ammoniumnitraat met fosfaat en/of kaliumcarbonaat) die in staat zijn tot zelfonderhoudende ontleding overeenkomstig de VN-goottest (Zie Manual of Tests and Criteria, Part III, sub-section 38.2), en waarin het stikstofgehalte afkomstig van het ammoniumnitraat:

  • gelegen is tussen 15,75(1) en 24,5(2) gewichtsprocent en die niet meer dan 0,4% in totaal aan brandbare/organische stoffen bevatten of voldoen aan de voorschriften van bijlage III-2 bij Verordening (EG) 2003/2003 van het Europees Perlement en de Raad van 13 oktober 2003 inzake meststoffen,
  • 15,75(3) gewichtspercent of minder en een onbeperkte hoeveelheid brandbare stoffen.

14. Ammoniumnitraat (1 250/5 000): meststofkwaliteit
Dit is van toepassing op enkelvoudige ammoniumnitraatmeststoffen en op gemengde/samengestelde ammoniumnitraatmeststoffen die voldoen aan de voorschriften van bijlage III-2 bij Verordening (EG) 2003/2003, waarin het stikstofgehalte afkomstig van het ammoniumnitraat

  • hoger is dan 24,5 gewichtsprocent, met uitzondering van mengsels van ammoniumnitraat met dolomiet, kalksteen en/of calciumcarbonaat met een zuiverheidsgraad van ten minste 90%,
  • hoger is dan 15,75 gewichtspercent voor mengsels van ammoniumnitraat en ammoniumsulfaat,
  • hoger is dan 28(4) gewichtsprocent voor mengsels van ammoniumnitraat met dolomiet, kalksteen en/of calciumcarbonaat met een zuiverheidsgraad van ten minst 90%.

15. Ammoniumnitraat (350/2 500): technsich zuivere stof
Dit is van toepassing op ammoniumnitraat en ammoniumnitraatmengsels waarin het stikstofgehalte, afkomstig van het ammoniumnitraat:

 

  • gelegen is tussen 24,5 en 28 gewichtsprocent en die maximaal 0,4% aan brandbare stoffen bevatten,
  • hoger is dan 28 gewichtsprocent en die maximaal 0,2% aan brandbare stoffen bevatten.

Dit is ook van toepassing op waterige ammoniumnitraatoplossingen met een ammoniumnitraatconcentratie van meer dan 80 gewichtsprocent.

16. Ammoniumnitraat (10/50): "off-specs"-materiaal en meststoffen die niet voldoen aan de eisen van de detonatietest
Dit is van toepassing op:

  • afgekeurd materiaal afkomsig uit het fabricageproces, en op ammoniumnitraat en ammoniumnitraatpreparaten, enkelvoudige ammoniumnitraatmeststoffen en gemengde/samengestelde ammoniumnitraatmeststoffen als bedoeld in de noten 14 en 15, die van de eindgebruiker worden of zijn teruggestuurd aan een fabrikant, een installatie voor tijdelijke opslag of een herverwerkingsinstallatie voor herverwerking, recycling of behandeling met het oog op een veilig gebruik, omdat de stoffen niet langer voldoen aan de specificaties van de noten 14 en 15,
  • meststoffen als bedoeld in de noot 13, eerste streepje, en noot 14, die niet voldoen aan de voorschriften van bijlage III-2 van Verordening (EG) 2003/2003.

17. Kaliumnitraat (5 000/10 000):
Dit is van toepassing op samengestelde meststoffen op basis van kaliumnitraat (in de vorm van prills of granules) die dezelfde gevaarlijke eigenschappen als zuiver kaliumnitraat hebben.

18. Kaliumnitraat (1 250/5 000):
Dit is van toepassing op samengestelde meststoffen op basis van kaliumnitraat (in kristalvorm), die dezelfde gevaarlijke eigenschappen als zuiver kaliumnitraat hebben.

19. Opgewaardeerd biogas:
Voor de toepassing van de deze richtlijn kan opgewaardeerd biogas worden ingedeeld onder de rubriek 18 van deel 2 van bijlage I wanneer het verwerkt is in overeenstemming met de toepasselijke normen voor gezuiverd en opgewaardeerd biogas waardoor een kwaliteit gewaarborgd is die overeenkomt met die van aardgas, met inbegrip van de hoeveelheid methaan, en het ten hoogste 1% zuurstof bevat.

20. Polychloordibenzofuranen (PCDF) en polychloordibenzodioxinen (PCDD)
De hoeveelheden polychloordibenzofuranen en polychloordibenzodioxinen worden berekend aan de hand van de volgende wegingsfactoren :

2,3,7,8-TCDD

1

2,3,7,8-TCDF

0,1

1,2,3,7,8-PeDD 1 2,3,4,7,8-PeCDF

0,3

    1,2,3,7,8-PeCDF

0,03

1,2,3,4,7,8-HxCDD
1,2,3,6,7,8-HxCDD
1,2,3,7,8,9-HxCDD

0,1

1,2,3,4,7,8-HxCDF
1,2,3,7,8,9-HxCDF
1,2,3,6,7,8-HxCDF
2,3,4,6,7,8-HxCDF

0,1

1,2,3,4,6,7,8-HpCDD

0,01

1,2,3,4,6,7,8-HpCDF
1,2,3,4,7,8,9-HpCDF

0,01

OCDD

0,0003

OCDF

0,0003

(T = tetra, Pe = penta, Hx = hexa, Hp = hepta, O = octa)
Referentie: Van den Berg et al: The 2005 World Health Organization Re-evaluation of Human and Mammalian Toxic Equivalency Factors fot Dioxins and Dioxin-like Compounds

21. 
Wanneer deze gevaarlijke stof eveneens onder categorie P5a ONTVLAMBARE VLOEISTOFFEN of P5b ONTVLAMBARE VLOEISTOFFEN valt, geldt voor de toepassing van deze richtlijn de laagste drempelwaarde.

(1) Een stikstofgehalte van 15,75 gewichtsprocent afkomstig van het ammoniumnitraat stemt overeen met 45 % ammoniumnitraat.

(2) Een stikstofgehalte van 24,5 gewichtsprocent afkomstig van het ammoniumnitraat stemt overeen met 70 % ammoniumnitraat.

(3) Een stikstofgehalte van 15,75 gewichtsprocent afkomstig van het ammoniumnitraat stemt overeen met 45 % ammoniumnitraat.

(4) Een stikstofgehalte van 28 gewichtsprocent afkomstig van het ammoniumnitraat stemt overeen met 80 % ammoniumnitraat.

Contacteer ons

Team Externe Veiligheid
02 553 03 55