“Verschillende typologieën bepalen het mooie eindresultaat”

Molensite Oudenburg: van doorn in het oog tot levendige site

Datum oplevering fase 1: voorlopige oplevering 11/1/2019, definitieve oplevering 15/5/2020
Ligging: Weststraat-Hoogwegel, Oudenburg
Opdrachtgever: SHM WoonWel
Ontwerpteam: ampe.trybou architecten
Aannemer: Recon Bouw – Adegem
Studiebureau: technieken: V&S Technics, stabiliteit: Studiebureau Vansteelandt
Projectcoördinator: Frederiek Ampe (ampe.trybou architecten)
Budget: gunningsbedrag aannemer: 1.128.512,69 (uitgevoerd binnen budget
Omvang fase 1: nieuwbouw sociaal wooncomplex, met vier sociale huurwoningen en vijf sociale huurappartementen voor mensen met een verstandelijke beperking
Omvang fase 2: restauratie van de geklasseerde molenromp, het geklasseerde molenaarshuis en het bakhuis. In het Molenaarshuis zal een cafetaria worden geïntegreerd
Omvang fase 3: nieuwbouw van 4 woningen, 2 appartementen en gemeenschapsruimte met ateliers die ten dienst zal staan voor alle Oudenburgenaars
 

De verouderde en verkommerde Molensite in Oudenburg, op de hoek van de Weststraat en de Hoogwegel, bleef jarenlang onaangeroerd. Tot WoonWel in 2010 de gronden en panden kocht. De sociale huisvestingsmaatschappij zag potentieel in de site, die momenteel nog steeds in volle ontwikkeling is. Een eerste fase, de nieuwbouw van vier sociale huurwoningen en vijf sociale huurappartementen, werd vorig jaar afgerond en zowel bouwheer WoonWel als ontwerper ampe.trybou architecten kijken uit naar de volgende stap: de restauratie van de molen, het molenaarshuis en het bakhuis.

De iconische molen in Oudenburg werd midden 19e eeuw gebouwd. De stenen stellingmolen deed dienst als koren- en oliemolen en profileerde zich als een bepalende factor voor het gelaat van Oudenburg centrum. Door de centrale ligging in de stadskern bevindt de site zich vlakbij de lokale dienstverlening en handel, en op 3 km van het station van Oudenburg. In 1884 liet de toenmalige molenaar Victor Debrauwere de nog steeds bestaande molenaarswoning bouwen en in 1947 kwam er op de site ook nog een magazijn met verkoopplaats – vandaag bakhuis genoemd. Na de installatie van een mechanische hulpmotor werden eind jaren 30 van de vorige eeuw de molenwieken verwijderd. De mechanische maalderij bleef nog actief tot 1981 en sindsdien bleef de hele site onaangeroerd. 

In 2002 kregen de molenromp met kleine mechanische maalderij en de molenaarswoning met bakhuis een plek als beschermd monument op de erfgoedlijst. De waardevolle plek met een rijke geschiedenis in het centrum van Oudenburg verdiende een nieuwe kans en die kreeg het ook toen de site in 2009 te koop kwam en WoonWel een jaar later de gronden en panden kocht. Een prachtige plek voor sociale huisvesting, maar het mocht wat meer zijn. Hoe konden de oude beschermde gebouwen geïntegreerd worden in het sociale huisvestingsverhaal? Het is een vraag die ampe.trybou architecten als muziek in de oren klonk. Het Oudenburgse bureau is tuk op complexe ruimtelijke vraagstukken en ging samen met WoonWel het avontuur aan.

De vraag: nieuwe bestemming voor verwaarloosde site

Dat de molensite een nieuwe invulling moest krijgen, was voor de Oudenburgenaar eerder een must dan een vraag. Van de positieve invloed die de plek vroeger had op het uiterlijk van Oudenburg, bleef al jaren niets meer over. “WoonWel kocht de grond in 2010 bij een openbare verkoop, op aanvraag van de stad”, vertelt Evi Jordens, directeur bij WoonWel. “Het was al heel lang duidelijk dat er iets met deze hoek moest gebeuren en voor particulieren was dit niet meteen de interessantste plaats. Voor ons leek dit wel een geschikte plek voor sociale woningen. Dat was ons eerste idee. We hebben dan ampe.trybou aangesteld als architect en samen hebben we nagedacht hoe we dit op een mooie manier kunnen aanpakken.”
Wat kunnen we met deze site doen en hoe pakken we het aan? Dat waren de belangrijkste vragen die klonken. “Naast de beschermde gebouwen stonden op deze site ook een woning met een leeg zakenkantoor en een gebouw dat door stad als bib ingericht was, maar eveneens leegstond en vervallen was. Er werd besloten om beide gebouwen te slopen”, vertelt Frederiek Ampe van ampe.trybou architecten. “Dit is het soort opdracht waar wij graag onze tanden inzetten. Als er complexiteit bij komt kijken, worden wij getriggerd. Want dan kunnen wij als ontwerper de grootste meerwaarde bieden. Een kaal, rechthoekig stuk grond is veel minder uitdagend. Je zit op deze site ook met vele randvoorwaarden: stedenbouwkundige aandachtspunten, bezwaard met erfgoed, rekening houden met buren, verdichting ... En dat op een hoek, wat sowieso al moeilijker is.”

“Je zit op deze site met vele randvoorwaarden: stedenbouwkundige aandachtspunten, bezwaard met erfgoed, rekening houden met buren, verdichting ...” – Frederiek Ampe, ampe.trybou architecten

Maar net dat maakt het zo interessant voor ampe-trybou architecten. “Als je de complexiteit niet interessant vindt, zie je alleen maar moeilijkheden. Wij zien vooral uitdagingen. Doorheen de jaren zijn dergelijke projecten voor ampe.trybou een expertise geworden. In dit project werd afgeweken van de bouwdiepte zoals vooropgesteld binnen het BPA. Gelet op het aanwezige erfgoed was deze afwijking noodzakelijk. De respectvolle manier waarop omgegaan werd met dit erfgoed maakte die afwijking tegelijk ook mogelijk. Ook de publieke ruimte rondom het gebouwde volume - Weststraat, Hoogstraat, Stedebeekpad en het publiek toegankelijke molenerf - maakte een specifieke aanpak en organisatie noodzakelijk.”

De oplossing: gevarieerde invulling 

De oplossing bestond oorspronkelijk uit twee fases. Fase 1: de nieuwbouw van een sociaal wooncomplex met vier sociale huurwoningen en vijf sociale huurappartementen voor mensen met een verstandelijke beperking. Fase 2: de restauratie van de geklasseerde molenromp, het geklasseerde molenaarshuis en het bakhuis, en de realisatie van een verticale aangrenzende nieuwbouw. 
Evi Jordens: “Het idee van sociale huisvesting werd vanaf dag één sterk gesteund door het gemeentebestuur. Het erfgoedverhaal betekent natuurlijk een heel traject dat doorlopen moet worden, maar ook erfgoed is vragende partij voor herbestemming. Het draagvlak was er dus zeker wel. Uit contacten met diverse welzijnsorganisaties bleek dat er vraag was naar woningen waar mensen met een verstandelijke beperking, zelfstandig kunnen wonen, mits de nodige begeleiding. Vzw Duinhelm is één van deze welzijnsorganisaties.  Zij zullen nauw betrokken worden in de tweede fase en zullen in het molenaarshuis een cafetaria uitbaten, samen met hun cliënten.
In 2019 kocht WoonWel bijkomend ook de oude drukkerij naast de molenaarswoning. Hierdoor werd het project uitgebreid met een derde fase: de nieuwbouw van vier woningen, twee appartementen en een gemeenschapsruimte met ateliers. In de ateliers zullen mensen met een mentale beperking onder begeleiding van Duinhelm diverse activiteiten kunnen uitoefenen, zoals bijvoorbeeld schilderen, pottenbakken, kaarsen maken …  Daarnaast zullen de ateliers eveneens  beschikbaar zijn voor alle Oudenburgenaars. Frederiek Ampe: “Oorspronkelijk zou de nieuwbouw onmiddellijk achter de molenaarswoning worden bijgebouwd. In dat geval zou de molen heel dicht tegen het gebouw komen te staan. Door de aankoop van de aanpalende woning komt de Molen nu op het binnengebied mooi centraal tussen de twee nieuwbouwen te staan.”

De uitvoering: nieuwbouw en restauratie hand in hand

Bij het ontwerpen gingen de architecten van ampe.trybou te werk zoals ze dat altijd doen. Frederiek Ampe: “We starten iedere opdracht vanuit een soort ontwerpend onderzoek waarbij we de randvoorwaarden van de site onderzoeken. Heel belangrijk in dit verhaal was het typologisch onderzoek. Welke woontypologieën kan je inzetten om dit soort sites toch kwalitatieve woningen te bieden en verdichting te creëren zonder te vervallen in appartementsbouw?” Evi Jordens pikt in: “Voor ons is het zeer belangrijk dat het niet van mijlenver zichtbaar is dat het om sociale woningen gaat. Dat is voor al onze projecten zo, maar zeker op een site als deze. En daar zijn we volgens mij zeer goed in geslaagd.”

“Voor ons is het zeer belangrijk dat het niet van mijlenver zichtbaar is dat het om sociale woningen gaat” – Evi Jordens, WoonWel


Voor fase 1 werd de vraag beantwoord door de combinatie van negen woningen: vier sociale huurwoningen en vijf appartementen voor mensen met een beperking. Frederiek Ampe: “De puzzel is zo samengesteld dat iedere woning zijn eigenheid en kwaliteiten heeft, met eigen uitzicht op molen en/of buitenruimte. Het is een combinatie van beeldkwaliteit en volumewerking enerzijds en de woonkwaliteit van de woningen anderzijds. De materialisatie van het gebouw geeft het een eigen gezicht, maar toch gaat het geheel bescheiden op in de context en het omliggende weefsel. Bij sociale huisvestiging zit bovendien ook een economische wetmatigheid. Er is de kostprijs van het perceel of het pand en daar moeten een aantal woning tegenover staan om het haalbaar te maken. Het is zaak om dat zo te doen dat het ruimtelijk relevant blijft, zowel voor de omgeving als voor mensen die er wonen.”
De grootste uitdaging op ruimtelijk en ontwerptechnisch vlak ligt in fases 2 en 3. In een volgende fase realiseren we nog een aantal sociale woningen zodat er een woonerf rond de molen ontstaat”, aldus Frederiek Ampe. “En dat in combinatie met de restauratie en herbestemming van het molenaarshuis en het bakhuis. Binnen ontstaat dan een molenerf zoals het vroeger was. De oude kasseien worden naar bovengehaald waardoor het erf opnieuw zijn eigenheid krijgt.. De molen zelf wordt gerestaureerd en  de nog aanwezige mechanica wordt behouden. Hij wordt niet maalvaardig gemaakt, maar kan gebruikt worden voor bijvoorbeeld workshops of een tentoonstelling.”

De troeven: “alsof het er altijd stond”

“Voor de mensen van Oudenburg is dit meer dan een sociaal woningproject”, benadrukt Evi Jordens haar tevredenheid over het afronden van fase 1. “We zijn heel blij met het voorlopige resultaat. De mensen wonen hier graag en alles was ook onmiddellijk verhuurd. Wij werken uiteraard met wachtlijsten, maar we hebben zeker niet diep in die lijsten moeten graven. In het najaar van 2020 start de volgende fase. Een duidelijke deadline voor zowel fase 2 als 3 is er niet, maar we hopen toch in 2022 het volledige project op te leveren en zo de mensen van Oudenburg een herboren plek met publieke ruimte aan te bieden.”
“We zijn tevreden dat de gerealiseerde nieuwbouw een eigenzinnigheid heeft, maar tegelijkertijd ook vrij bescheiden is”, vertelt Frederiek Ampe. “Kort na de oplevering zei iemand dat het was alsof het gebouw er precies altijd gestaan heeft. Dat vond ik een mooi compliment, hoewel het toch ook zeker zijn eigen smoel heeft. Die goeie integratie heeft vooral te maken met de volumewerking en de manier waarop het gebouw zich richt naar de molenaarswoning, met een knik in de woning. Dit project vraagt een ontwerp dat in alle drie de fasen moet kloppen om ook het uiteindelijke totale plaatje te doen kloppen. En dat is in dit project voor een groot stuk te danken aan de integratie van verschillende woontypologieën.”

“Kort na de oplevering zei iemand dat het was alsof het gebouw er precies altijd gestaan heeft, dat vond ik een mooi compliment” – Frederiek Ampe, ampe.trybou architecten

Wat beter kon: over de ganse lijn tevreden

Over de ganse lijn zijn zowel architect als bouwheer tevreden over het resultaat van fase 1. Evi Jordens: “De bewoners voelen zich hier gelukkig en de nieuwbouw mag architecturaal zeker gezien worden. Bovendien is Oudenburg een trekpleister rijker. En in een later stadium, wanneer ook fase 2 en 3 zijn afgerond, zal de impact op het centrum van Oudenburg pas echt helemaal duidelijk worden.” Frederiek Ampe bevestigt: “Uiteraard zijn er tijdens zo’n complex traject altijd onvoorziene hordes die je moet nemen. Op het vlak van studiewerk, uitvoering en de algemene timing is zeker niet alles 100 procent even vlot verlopen, maar daar houd je ergens ook rekening mee bij dergelijke projecten. En zoals ik eerder vertelde, zien wij dat eerder als een uitdaging dan als een obstakel.”
 

KADERSTUK: Tevreden bewoners

In geen tijd slaagden WoonWel en Duinhelm erin om de vier sociale woningen en de vijf appartementen voor mensen met een beperking te vullen. En dat de er graag gewoond wordt, bleek uit een anonieme getuigenis en rondleiding van één van de bewoners. “Wij waren de eerste bewoners van dit appartement en we hebben nog geen dag spijt gehad”, aldus een vrouwelijke bewoonster, die samen met haar man en dochter in een van de vier sociale woningen huist. “Wij woonden 32 jaar in een sociale woning in Gistel, maar moesten omwille van een renovatie verhuizen.”
En die gedwongen verhuis is uiteindelijk positief uitgedraaid. “We wonen hier zeer graag”, klinkt het. “Langs de buitenkant hadden we eerst een benauwd gevoel, maar binnen werden we echt verrast door de ruimte die we hier hebben. Er is meer dan voldoende bergruimte en we hebben een mooi terras. Ook de omgeving is een meerwaarde. De mensen zijn vriendelijk en we hebben een supermarkt op wandelafstand, om maar enkele dingen te noemen. Voor ons is dit ideaal.”