Indienen van een SWA-veiligheidsrapport

Het Samenwerkingsakkoord [SWA3] haalt verschillende redenen aan (en de bijhorende termijnen) die de exploitant van een hogedrempelinrichting verplichten om een SWA-veiligheidsrapport op te maken of bij te werken, en vervolgens in te dienen bij de coördinerende dienst (meer bepaald artikel 8, artikel 10, en artikel 28). Onderstaande tabel vat deze redenen samen.

Reden voor het indienen of het bijwerken van een SWA-veiligheidsrapport

Inrichting

Reden voor opstellen of bijwerken

Termijn voor indienen

Nieuwe hogedrempelinrichting

 

de inbedrijfstelling van een hogedrempelinrichting op de dag van of na de inwerkingtreding van het Samenwerkingsakkoord [SWA3] uiterlijk 3 maanden vóór de inbedrijfstelling van de inrichting, of vóór de ingebruikname van de wijziging

 

een wijziging van installaties of activiteiten binnen een (niet Seveso-)bedrijf of een lagedrempelinrichting die leidt tot een wijziging van de inventaris van gevaarlijke stoffen en waardoor het bedrijf een hogedrempelinrichting wordt
Andere inrichting

 

een inrichting die onder het toepassingsgebied van het Samenwerkingsakkoord [SWA3] komt, of een lagedrempelinrichting die een hogedrempelinrichting wordt, om redenen andere dan vermeld bij nieuwe hogedrempelinrichting binnen een termijn van 2 jaar, gerekend vanaf de dag waarop de inrichting een hogedrempelinrichting is geworden
Alle hogedrempelinrichtingen

 

een wijziging van installaties, van de processen of van de aard, de fysische vorm of de hoeveelheid gevaarlijke stoffen, die voor de gevaren van zware ongevallen belangrijke gevolgen kan hebben, zonder dat de inrichting van status verandert voorafgaand aan de wijziging
een wijziging van installaties, van de processen of van de aard, de fysische vorm of de hoeveelheid gevaarlijke stoffen, die voor de gevaren van zware ongevallen belangrijke gevolgen kan hebben, mét wijziging van status (d.w.z. een lagedrempelinrichting wordt een hogedrempelinrichting) uiterlijk 3 maanden vóór de inbedrijfstelling van de inrichting, of vóór de ingebruikname van de  wijziging
op eigen initiatief, als nieuwe feiten het rechtvaardigen, of om rekening te houden met nieuwe technische kennis aangaande veiligheid, die bijvoorbeeld verkregen is na analyse van bijna-ongevallen, of na een zwaar ongeval in de inrichting onverwijld na de herziening
op verzoek van de coördinerende dienst, wanneer die aangeeft dat er wijzigingen en aanvullingen aan het rapport moeten worden aangebracht en/of als nieuwe feiten het rechtvaardigen of om rekening te houden met nieuwe technische kennis aangaande veiligheid binnen een redelijke termijn, bepaald door de coördinerende dienst
periodiek ten minste om de vijf jaar, gerekend vanaf de dag van indiening van het vorige rapport

Het is de verantwoordelijkehid van de exploitant om na te gaan of een van deze redenen op zijn inrichting van toepassing is, en om het SWA-veiligheidsrapport tijdig in te dienen.

Modaliteiten voor het indienen van een SWA-veiligheidsrapport

De dienst Veiligheidsrapportering (= coördinerende dienst) heeft een procedure SWAVR_P01 opgesteld die de modaliteiten beschrijft voor het indienen van een SWA-veiligheidsrapport. Deze procedure is opgenomen in het Richtlijnenboek voor Veiligheidsrapportages.

Contacteer ons

Team Externe Veiligheid
02 553 03 55