Handboek Risicoberekeningen

Het Handboek Risicoberekeningen [HBRB] bundelt alle technische richtlijnen voor het uitvoeren van een kwantitatieve mensrisicoanalyse (QRA), van een domino-effectenanalyse en van een milieurisicoanalyse (MRA).

Aan de basis van het handboek ligt het overkoepelende onderzoeksproject "Unificatie Risicoberekeningsmethodiek", ondersteund door diverse specifieke onderzoeksprojecten en gevalstudies.

Wijziging 01/04/2019

Op 01/04/2019 is een bijgewerkte versie van het Handboek Risicoberekeningen gepubliceerd.

Het document pdf bestand[HBRB] - wijzigingen 01 04 2019 (165 kB) verduidelijkt de toepassing en de overgangsbepalingen.

Inhoud van het Handboek Risicoberekeningen

Het Handboek Risicoberekeningen bestaat uit volgende technische modules:

  • Module 01: Algemeen
  • Module 03: Meteorologische en omgevingsparameters
  • Module 04: Selectie relevante installaties
  • Module 05: Atmosferische houders
  • Module 06: Drukhouders
  • Module 07: Warmtewisselaars
  • Module 08: Pompen en compressoren
  • Module 09: Leidingsystemen
  • Module 10: Verladingsactiviteiten
  • Module 11: Magazijnen
  • Module 12: Open opslagplaatsen
  • Module 13: Gevolgbeperkende maatregelen
  • Module 14: Vervolggebeurtenissen
  • Module 15: Uitstroming
  • Module 16: Plasvorming en verdamping
  • Module 17: Dispersie
  • Module 18: Overdruk
  • Module 19: Thermische straling en direct vlamcontact
  • Module 20: Intoxicatie
  • Module 21: Andere effecten
  • Module 22: Populatiematrix
  • Module 23: Indirecte risico's
  • Module 24: Milieurisicoanalyse

Bemerk dat Module 02 (Representatieve stoffen) momenteel nog geen deel uitmaakt van het handboek.

Aanvullende bestanden

Bij enkele modules horen aanvullende specifieke bestanden:

  • Module 03
    • "Meteodata" (.xlsx) geeft  de verdeling van de atmosferische stabiliteit, de windrichting en de windsnelheid voor verschillende locaties (gridpunten) in Vlaanderen, gebaseerd op jaargemiddelde waarden
    • "raster_gridpunten" (.zip) bevat GIS-data met de hierboven genoemde gridpunten. Over Vlaanderen is een raster gelegd met rastercellen van 4 km bij 4 km. De middelpunten van deze rastercellen zijn de hierboven genoemde gridpunten.
    • "Monthlyfinaltable_VL_1981_2010" (.rdata) geeft de meteodata als maandgemiddelde waarden. De handleiding voor het gebruik van deze tabl is opgenomen in Module 03.
  • Module 11
    • "Rekenblad Magazijnbrand en mengprobit" (.xlsm) is een hulpmiddel bij het bepalen van de relevante scenario's bij magazijnbrand

Document "Handboek Risicoberekeningen - verduidelijking"

Dit document geeft antwoord op enkele vragen die door de gebruikers van het Handboek Risicoberekeningen gesteld werden aangaande de toepassing ervan. Deze antwoorden houden aanvullende verduidelijkingen bij en kleine tekstuele aanpassingen aan het handboek in.

Bij de eerstvolgende revisie van het Handboek Risicoberekningen zullen deze antwoorden erin verwerkt worden.

Hoe omgaan met overschrijdingen van risicocriteria in de bestaande toestand door toepassing van het Handboek Risicoberekeningen?

Hoe moet er omgegaan worden met een reeds bestaande (vergunde) toestand wanneer blijkt dat het risicobeeld van een Seveso-inrichting niet langer aan alle risicocriteria voldoet door het toepassen van het geactualiseerde Handboek Risicoberekeningen, en welke gevolgen heeft dit voor op stapel staande projecten bij deze inrichting?

Als blijkt dat de Seveso-inrichting niet langer voldoet aan de risicocriteria door het toepassen van de nieuwe inzichten die gebundeld werden in het Handboek Risicoberekeningen, dan zal de situatie moeten geremedieerd worden. Dit wil echter niet zeggen dat de bestaande inrichting onmiddellijk een (gedeeltelijk) exploitatieverbod krijgt opgelegd. Evenmin wil dit zeggen dat toekomstige projecten moeten worden uitgesteld.

In de praktijk zal een overschrijding aan het licht komen tijdens de voorbereidingen (1) van een actualisatie van een Samenwerkingsakkoord-veiligheidsrapport, of (2) voor de opmaak van een omgevingsveiligheidsrapport of veiligheidsstudie in het kader van de vergunningsaanvraag voor een wijziging, uitbreiding of hervergunning van de inrichting.

Onafhankelijk van de procedure waarin de overschrijding aan het licht komt, moet in het veiligheidsrapport of in de veiligheidsstudie een grondige analyse gemaakt worden van het risicobeeld in het algemeen en de overschrijding in het bijzonder. Eveneens moet er in het veiligheidsrapport of de veiligheidsstudie een concreet actieplan opgenomen worden met de maatregelen die de inrichting zal nemen om op termijn alsnog aan de criteria te kunnen voldoen, inclusief een stappenplan voor het uitvoeren ervan. Als er niet meteen een duidelijk zicht is op die concrete maatregelen, dan moet de inrichting het initiatief nemen om verder studiewerk te verrichten, waarin de alternatieven en de maatregelen worden onderzocht die minimum in beschouwing moeten worden genomen om aan de criteria te voldoen. In het veiligheidsrapport of de veiligheidsstudie wordt het engagement aangaande dit studiewerk beschreven, mét vermelding van de oplevertermijn van de studie. Bij oplevering van de studie is een concreet actieplan met maatregelen en een bijhorende uitvoeringstermijn voorhanden.

De maatregelen - die perspectief bieden om op termijn een voldoende veiligheidsafstand te bekomen - omvatten technische en organisatorische maatregelen bij de inrichting zelf (prioritair), maar kunnen ook inhouden dat de inrichting in kwestie concrete toezeggingen heeft bekomen van partners in de omgeving die de overschrijding zullen wegwerken.

De verdere opvolging van deze bijkomende maatregelen en in voorkomend geval het actieplan gebeurt dan door de inspecties die door de afdeling Handhaving worden uitgevoerd overeenkomstig de bepalingen in het  Samenwerkingsakkoord en het Decreet Algemeen Milieubeleid.

Bovenstaande betekent niet a priori dat de inrichting in kwestie geen nieuwe projecten meer kan starten. Als kan aangetoond worden dat het project geen significante wijziging van het risico met zich meebrengt, de vastgestelde overschrijding (ten gevolge van de bestaande, vergunde toestand) niet vergroot en de realisatie van de wijziging de remediëring van de vastgestelde overschrijding niet in de weg staat, dan kan het project toch gunstig geadviseerd worden.

Bemerk hierbij dat in het bijzonder bij een overschrijding van het criterium van het plaatsgebonden risico ten aanzien van de terreingrens (d.i. de isorisicocontour van risiconiveau 1E-5/jr ligt geheel of gedeeltelijk buiten het terrein van de inrichting) in het verleden enige soepelheid aan de dag gelegd werd bij het nemen van een beslissing over de aanvaardbaarheid van het externe mensrisico, zij het onder specifieke voorwaarden. Deze soepelheid blijft behouden, onder dezelfde specifieke voorwaarden. Mogelijk kan hierdoor de noodzaak tot remediëring of het opstellen van een actieplan vervallen. Deze situaties worden geval per geval bekeken. Bij vaststelling van een overschrijding of een groter geworden overschrijding bespreek je dit dan best ook eerst met het Team Externe Veiligheid.
Voor alle duidelijkheid: deze soepelheid wordt niet gehanteerd bij een overschrijding van de andere risicocriteria.

Voor meer informatie kan je terecht bij Kathleen Derbaix (Team Externe Veiligheid) of Eveline Diopere (directie Omgevingsprojecten).

Versiebeheer

Het kader rechts vermeldt telkens de laatste versie van het betreffende document. Het volledige versiebeheer is, per module, opgenomen in het handboek zelf.

Contacteer ons

Team Externe Veiligheid
02 553 03 55