Broeikasgasproductiviteit Vlaanderen

De broeikasgasproductiviteit geeft de verhouding weer tussen het bruto binnenlands product (bbp) en de uitstoot van broeikasgassen, uitgedrukt in kg CO2-equivalenten. De broeikasgasproductiviteit verbetert in de loop der tijd. In vergelijking met de Europese landen staat Vlaanderen achteraan in de middenmoot. Onze vooruitgang is gelijkaardig in vergelijking met de rest van Europa.

Op deze pagina:

Evolutie broeikasgasproductiviteit

De hoeveelheid uitgestoten broeikasgassen daalt sinds 2005, terwijl het bbp toeneemt. De broeikasgasproductiviteit verbetert dus in de loop der tijd. Voor Vlaanderen zijn reducties in broeikasgasemissies vooral gerealiseerd in de energiesector, de industrie en de huishoudens (verwarming gebouwen).  

Broeikasgasemissies bij huishoudens verminderen door energiebesparende maatregelen en de overstap naar meer hernieuwbare energiebronnen. 

De belangrijke reducties kwamen er in de energiesector. Dat is te danken aan de sluiting van enkele elektriciteitscentrales op fossiele brandstoffen, de uitbouw van de productie van hernieuwbare energie voor elektriciteit en warmte, en een verbetering van de energie-efficiëntie. 

Bij de industrie kan de daling het gevolg zijn van verbeteringen in energie-efficiëntie door het Europees emissiehandelssysteem en door de energieconvenanten met de Vlaamse overheid, maar ook van een verplaatsing van industriële activiteiten naar andere landen. 

In de transportsector stellen we geen daling vast van broeikasgasemissies. Het lagere brandstofverbruik van voertuigen volstaat niet om de gevolgen van de toename van de hoeveelheid transport te compenseren.

De emissies in de landbouwsector daalden tot 2008 door de afbouw van de veestapel, strengere bemestingsnormen in het kader van het mestbeleid, productiviteitsstijgingen en een daling van het energiegebruik door investeringen in energiebesparende en hernieuwbare technologieën. Sinds 2008 zijn de totale broeikasgasemissies in de landbouwsector min of meer stabiel.

Productiviteitsindicatoren beschouwen enkel de broeikasgasemissies op het Vlaamse grondgebied. Om de volledige koolstofvoetafdruk van onze consumptie te bepalen houden we ook rekening met de import van consumptiegoederen en corrigeren we voor export. Cijfers van 2010 geven aan dat de broeikasgasemissies die onze import voor consumptie veroorzaakt dubbel zoveel zijn als de broeikasgasemissies gekoppeld aan export. Twee derde van de broeikasgasuitstoot door Vlaamse consumptie ontstaat in het buitenland en wordt dus niet meegenomen in deze cijfers.
Meer details over de evolutie  van onze broeikasgasemissies en de koolstofvoetafdruk staan op www.milieurapport.be.
 

Positie broeikasgasproductiviteit Vlaanderen t.o.v. Europese landen

In vergelijking met de Europese landen staat Vlaanderen achteraan in de middenmoot. 
Het verschil met andere landen kan grotendeels verklaard worden door de samenstelling van onze economie. Zo hebben we een relatief hoog aandeel industrie en is er in de industrie een belangrijke aanwezigheid van energie-intensieve sectoren als staal, raffinage en chemie. Daarbij komt een hoge hoeveelheid personen- en goedervervoer en een intensieve landbouwsector. 
Daarnaast zijn er voor de specifieke sectoren diverse factoren die vooruitgang t.o.v. andere landen moeilijker maken. 

Bij huishoudens is ons woningbestand een belangrijke reden. Er is een relatief groot aandeel vrijstaande en grote woningen, die veel energie vragen. Renovatie van bestaande woningen gaat traag en is ook duur. Ook onze ruimtelijke ordening maakt het moeilijker om bijvoorbeeld massaal in te zetten op warmtenetwerken.
De relatief lage broeikasgasproductiviteit in de industrie is vooral te wijten aan een belangrijke aanwezigheid van energie-intensieve sectoren als staal, raffinage en chemie. De technologische prestatie van de industrie op vlak van energie t.o.v. andere landen is moeilijk te beoordelen. Regulering is vooral Europees georganiseerd door een emissiehandelssysteem.
Op vlak van transport is de stand van de technologie niet anders dan in andere landen en we hebben een relatief nieuw wagenpark. Hier speelt vooral de toegenomen hoeveelheid transport een rol en dan vooral in het wegverkeer. Dit is vooral te wijten aan het vrachtvervoer, waar we t.o.v. de meeste Europese landen een iets grotere toename zien. Ook op vlak van personenvervoer zien we geen echte daling in het absolute aantal personenkilometers. 
 

 

Meer informatie

Laatst gewijzigd: december 2020

Volgende update: december 2022

Methode: De broeikasgassen die beschouwd worden bevatten CO2, N2O in CO2 equivalent, CH4 in CO2 equivalent, HFC in CO2 equivalent, PFC in CO2 equivalent, SF6 in CO2 equivalent, NF3 in CO2 equivalent. Het gaat hier om de broeikasgasemissies door de verbranding van fossiele brandstoffen. Het zijn directe emissies, uitgestoten op Vlaams grondgebied, incl. emissies & sinks uit bossen, incl. bijschatting verkochte brandstof wegverkeer en binnenlandse zeescheepvaart conform internationale rekenregels en exclusies bunkers, sinks en indirecte effecten. Om de evolutie binnen Vlaanderen in de tijd te bekijken is het BBP uitgedrukt in kettingeuro's met referentiejaar 2010. Bij een vergelijking tussen landen is het BBP uitgedrukt in € koopkrachtpariteiten.

Brondata:

Contacteer ons

Afdeling Partnerschappen met Besturen en Maatschappij (PBM)