Beroep tegen een bestuurlijke geldboete

Als de gewestelijke beboetingsentiteit heeft beslist om je een bestuurlijke geldboete op te leggen (al dan niet met een voordeelontneming) en je gaat hiermee niet akkoord, dan kan je tegen deze beslissing in beroep gaan.

Bij welke instantie kan je beroep indienen?

Je kan beroep indienen bij het Handhavingscollege. Dat is een onafhankelijk Vlaams administratief rechtcollege. Enkel diegene aan wie de boete is opgelegd, kan beroep indienen. Je kan je voor je beroep wel laten bijstaan door een raadsman of een milieudeskundige.

Gevolgen voor de boete

Als je in beroep gaat tegen een beslissing tot het opleggen van een bestuurlijke geldboete, dan schorst dat beroep deze boetebeslissing. Je moet de boete dus niet betalen zolang er over het beroep geen beslissing is genomen.

Wanneer moet je het beroep indienen?

Binnen een termijn van dertig dagen nadat de beslissing tot oplegging van bestuurlijke geldboete aan de overtreder werd verzonden. Deze termijn van dertig dagen om een beroep in te dienen begint te lopen op de werkdag na de verzending (poststempel) van deze boetebeslissing (behalve in geval van bewijs van het tegendeel).

Hoe moet je beroep aantekenen?

Het beroep moet je schriftelijk indienen met een verzoekschrift verzonden per aangetekend schrijven of door afgifte tegen ontvangstbewijs en gedagtekend door jezelf of je raadsman. Het verzoekschrift moet minstens de volgende gegevens bevatten:

  • je naam, telefoonnummer, e-mailadres, hoedanigheid, woonplaats of zetel en gekozen woonplaats in België;
  • het voorwerp van het beroep of bezwaar;
  • een uiteenzetting van de feiten en de ingeroepen middelen;
  • een inventaris van de overtuigingsstukken. 

Volgende documenten moeten bij het verzoekschrift worden gevoegd:

  • een afschrift van de bestreden beslissing of een verklaring dat je niet in het bezit bent van dergelijk afschrift;
  • als de verzoeker een rechtspersoon is en hij geen raadsman heeft die advocaat is, een afschrift van zijn geldende en gecoördineerde statuten en van de akte van aanstelling van zijn organen, alsook het bewijs dat het daarvoor bevoegde orgaan beslist heeft in rechte te treden;
  • de schriftelijke volmacht van je raadsman als hij geen advocaat is.  .

Je kan ook de overtuigingsstukken toevoegen die je nodig vindt voor de ondersteuning van je beroep. Eens het verzoekschrift is ingediend, kunnen geen overtuigingsstukken meer worden bijgevoegd, tenzij je nog niet over die stukken beschikte op het ogenblik waarop je beroep indiende of voor zover ze noodzakelijk zijn in repliek op de antwoordnota. 

Voor meer informatie over het Handhavingscollege of over de openingsuren van de griffie van de Dienst van de Bestuursrechtscolleges kan u terecht op www.dbrc.be of op het telefoonnummer 02 553 17 75 (algemeen nummer).