Aanvullende toelichting verwervingssubsidies

Inleiding

De subsidie voor verwerving werd in het BVR 05.10.2007 opgenomen teneinde te stimuleren dat op een gestructureerde manier een grondbeleid voor het betreffende gebied wordt opgezet. Het is tevens de bedoeling te bevorderen dat middelen en instrumenten worden gebundeld en doelmatig aangewend. Hieronder wordt meer duiding gegeven bij de procedure en de gehanteerde begrippen.

Voorwerp van de subsidie (art. 12)

De subsidie is bedoeld voor de verwerving van gronden, constructies of gebouwen waarvan het gebruik noodzakelijk is voor de realisatie van het strategische project, en waarbij de verwerving gebeurt met het oog op de verwezenlijking van een ruimtelijk uitvoeringsplan of een plan van aanleg.  Met verwerving worden voor de toepassing van het besluit eveneens gelijkgesteld, het sluiten van een erfpachtovereenkomst, het bedingen van een opstalrecht voor minimaal 27 jaar, en het sluiten van een contract van onroerende leasing voor minimaal 27 jaar.

Er kan alleen een subsidie worden toegekend als die gronden, constructies of gebouwen na de realisatie van het strategische project tot het publieke domein blijven behoren, een blijvende publieke functie zullen uitoefenen, of een voor het publiek blijvend toegankelijke functie zullen verkrijgen.

Bedrag van de subsidie

Het subsidiebedrag bedraagt 40 procent van de verwervingskosten, van maximaal 500.000 euro. Dit bedrag betreft een totaal voor het strategisch project (over de drie jaar). Aangezien het de bedoeling is om een globaal grondbeleid te voeren kan de subsidie worden ingezet in het globaal voorstel voor zover dat het duidelijk is welke andere middelen zullen worden geïnvesteerd voor welke projectonderdelen. Voor die delen waarvoor een subsidie wordt aangevraagd kan geen andere subsidie worden verkregen.

Randvoorwaarden 

  • Enkel voor reeds gesubsidieerde strategische projecten (BVR 04 juni 2004 en BVR 05 oktober 2007) – art. 12
  • Alleen voor publiek domein of voor publiek toegankelijke functies
  • Verwezenlijking van een ruimtelijk uitvoeringsplan of een plan van aanleg - art. 12
  • Van een bestaand goedgekeurd ruimtelijk uitvoeringsplan
  • Van een voorgenomen ruimtelijk uitvoeringsplan. Het moment dat er dan gesproken kan worden over verwezenlijking betekent dat er ten minste een plenaire vergadering moet hebben plaatsgevonden (op moment van de indiening). In dit geval is het nodig dat tevens de krijtlijnen die voor het project zijn uitgetekend in een ruimtelijk structuurplan of in de visie voor de afbakening van het buitengebied of stedelijk gebied worden geduid.
  • Er kan enkel een subsidie worden toegekend als voor de verwerving van dezelfde grond, constructies of gebouwen geen subsidie wordt aangevraagd en verkregen op grond van andere wetgeving of reglementering (art. 15). 
  • Krachtlijn van het besluit is dat middelen en instrumenten worden gebundeld teneinde een gestructureerde aanpak van een strategisch project mogelijk te maken: principe is hierbij “combinatie wel, cumulatie niet”. Doorvertaald naar het grondbeleid betekent dit dat het mogelijk is om voor bepaalde gronden of constructies meerdere subsidies te ontvangen, zolang die subsidies niet exact voor hetzelfde worden gebruikt. Een strategisch gelegen perceel dat bijvoorbeeld 2 miljoen kost kan dan via verschillende kanalen worden gefinancierd. De strategie moet in de motiveringsnota worden onderbouwd.

Aanvrager

De aanvraag wordt ingediend door één van de in de projectstructuur betrokken publieke actoren, dit kan een vereniging van publieke actoren of een Stedelijke ontwikkelingsdienst (SOB) zijn. De rol van de betrokken actor dient hierbij duidelijk op voorhand te zijn bepaald.

Inhoud van dossier (art. 13)

De aanvraag bevat een motiveringsnota en een schattingsverslag. De aanvraag moet mede worden ondertekend door vertegenwoordigers van alle (publieke en private) actoren die op het moment van de aanvraag in de projectstructuur betrokken zijn. Hiertoe zal een formulier worden aangeboden.

In de motiveringsnota wordt aangetoond:

  • dat de gronden of constructies in kwestie een sleutelpositie innemen in het projectgebied of in de gewenste inrichting van het projectgebied
  • dat de verwerving een hefboomfunctie heeft voor de realisatie van het volledige project
  • hoe de eigendomsstructuur is van het hele gebied waarop het strategische project betrekking heeft
  • hoe men de de gronden, constructies of gebouwen waarop de subsidieaanvraag betrekking heeft, wenst te verwerven en welke actor of actoren de verwerving bekostigen voor het bedrag dat een eventuele subsidie overstijgt

Het is wenselijk dat eveneens wordt aangegeven welke andere middelen of subsidiekanalen zullen worden ingezet teneinde het grondbeleid in het gebied te bewerkstelligen.

Het schattingsverslag bevat:

  • de schatting van de beoogde verwerving werd opgesteld door het Comité van Aankoop, de Ontvanger der Registratie of een beëdigd schatter, van de kosten van de verwerving

Vaak doet zich een plotse kans voor om gronden/constructies te verwerven. Vraag is of een gemeente of één van de andere actoren al met de verwervingen kan beginnen voor de belofte van de subsidie is ontvangen, desgevallend via een compromis van koop; de schatting blijft in principe gelijk. In de subsidie-aanvraag moet een ‘officiële’ schatting zitten. Deze is van een bepaald moment. Dat men op basis daarvan een compromis afsluit gebeurt op eigen risico en is geen voorwerp van de afweging voor de toekenning van de subsidie. Men kan altijd een compromis afsluiten voor een aankoop indien de kans zich voordoet, of een koop met opschortende voorwaarden. Dergelijk compromis is normaliter vier maanden geldig.

Procedure van de aanvraag

  • De aanvraag wordt ingediend tijdens de loop van de subsidieperiode (drie jaar) van het strategisch project. Er is hiervoor geen oproepsysteem. De indiening gebeurt uiterlijk voor 01.11 van ieder kalenderjaar.
  • Voorbereiding van de subsidieaanvraag gebeurt bij voorkeur in het voorziene overleg van het strategisch project (stuurgroep, projectteam, etc).
  • De aanvraag voor een subsidie voor de verwerving van grond, constructies of gebouwen wordt aangetekend verstuurd naar of tegen ontvangstbewijs afgegeven bij het departement RWO.
  • De minister beslist één maal per jaar (eerste deel van het jaar erop) over een belofte van subsidie (via een ministerieel besluit). Hierin wordt het subsidiebedrag  aangegeven. Omwille van deze bepaling is het niet mogelijk da     t er een soort principiële belofte wordt gedaan. Alle aanvragen moeten immers tegelijk worden behandeld en afgewogen tegenover de beschikbare middelen. Bij projecten die een aanvraag eerder in het jaar indienen zal via een verklaring (brief van de administratie) kunnen worden aangegeven dat men voldoet aan de formele vereisten. Dit is met name belangrijk voor de strategische projecten waarvan de subsidieperiode voor de projectcoördinatie voor november eindigt.
  • De beslissing van de minister wordt aan de aanvragers gemeld per aangetekende brief. (art.14)

Procedure voor de uitbetaling

  • De uitbetaling moet binnen drie jaar na de ontvangst van het ministerieel besluit waarmee de subsidie werd toegekend, worden aangevraagd, op straffe van verval van de subsidie, dus langer is niet mogelijk. De periode van drie jaar is immers ingeschreven in het besluit omdat het de bedoeling is dat het project op voorhand reeds voldoende concreet is / er voldoende engagementen zijn afgesproken om de koop binnen de drie jaar uit te voeren. Men moet dus op voorhand weten dat het zal lukken.
  • De aanvraag tot uitbetaling bevat een kopie van de aankoopakte of het vonnis waarin de prijs is bepaald.
  • In het huidig besluit is het bedrag voor de aanvraag tot uitbetaling gelijk aan het bedrag van de raming.